Brabant in de val als mestsluis open gaat

Brabant is uniek, wereldwijd. We hebben vitale steden, mooie natuur en gezellige dorpen. Er wonen 2,5 miljoen mensen nabij een veelvoud aan dieren. Een precair evenwicht, wat de Q-koortsuitbraak heeft laten zien. En wat doet het provinciebestuur? Die zet de mestsluis wijd open. GroenLinks roept Provinciale Staten van Noord-Brabant op om dit deelbesluit te blokkeren.

Veel bewoners in het buitengebied zitten in de stank. Maar ook de stad ontkomt niet aan veehouderij. Veel stedelingen verzetten zich al tegen de komst van mestfabrieken, vanwege de risico’s voor de volksgezondheid.

Laten we de cijfers even op ons inwerken, om besef te krijgen van de omvang. Brabant herbergt 37 miljoen landbouwdieren. Deze produceren jaarlijks ruim 15 miljard kilo mest. Daarvan mag circa 40% op het land, overigens veel meer dan in andere Europese landen. Daar komen we zo op. Het mestoverschot is ruim 9 miljard kilo per jaar. In dat licht dus goed te begrijpen dat Brabant de maximale capaciteit voor mestverwerking wil loslaten.

Maar dan moeten we wel snappen in welke val we gaan trappen. Het leeuwendeel van ons Nederlandse vlees eten we namelijk niet zelf op. Van al het vlees dat we produceren, gaat driekwart naar het buitenland. Nederland blijft zitten met de shit, die dan ook een fors probleem vormt. Wat doen we tot nu toe met de mest? Een deel van de mest wordt op het eigen bedrijf gebruikt, een deel gaat naar loonwerkers, een deel is ‘zoek’ (25-40%) en een deel gaat de grens over. 

Het Brabantse land kan de mest niet meer dragen. De burgers ook niet. De meeste stankklachten komen niet van de bedrijven, maar van het uitrijden van de mest. Ook verzuring en vermesting van de Brabantse wateren en natuur zijn het gevolg. Het wordt een probleem voor ons grondwater en daarmee ons drinkwater. Onze rijkdom aan wilde planten en dieren loopt sterk terug, veel meer dan elders in Europa.

Europa kijkt dan ook met argusogen naar Nederland. De Europese Commissie hanteert een fosfaatplafond om milieuvervuiling door mest te voorkomen, want te veel fosfaat zorgt ervoor dat vissen en waterplanten doodgaan. Nederland heeft nog een Europese vrijstelling (derogatie), die boeren het recht geeft 1,5 keer meer mest over hun land uit te rijden dan de gemiddelde Europese collega. Als Nederland de vrijstelling kwijtraakt, moet de melkveestapel in het ergste geval 20 procent inkrimpen, berekende onderzoeksinstituut LEI van de Wageningen Universiteit. Het verzet daartegen is groot.

Dan maar meer verwerken? Dat kost nogal wat. Zowel boeren zelf als de maatschappij steken honderden miljoenen euro’s in mestverwerking. Boerenbond Dutch Dairymen Board waarschuwt voor een ‘economische ramp’ als er meer mest verplicht moet worden verwerkt. Toch is dat waar staatssecretaris Van Dam op stuurt, want alleen met die troef in handen staat hij sterk om de Europese vrijstelling te behouden voor Nederland. Waarschijnlijk knikt Van Dam goedkeurend nu er beleid komt om in Brabant onbeperkt mest te mogen verwerken.

Lost mestverwerking de problemen in de veehouderij op? GroenLinks vindt van niet. De grondgebonden landbouw geeft geen mestprobleem. Veehouders met voldoende land voor de mest van hun dieren, maken ter plekke de kringloop rond. Dit is geen utopie, dit is al de praktijk bij biologische en andere natuurinclusieve boeren.

Met het loslaten van het plafond voor mestverwerking stimuleer je sterk een bepaald soort veehouderij in Brabant: de industriële. Weinig grond, veel stront. Je ontkoppelt daarmee de landbouw nog sterker van het land, de bodem. Het wordt ‘bouw’, industrie, biochemie zelfs. Vaak zijn het veehouders met een ruime beurs die van buiten de regio komen en niet op het bedrijf zelf wonen. Het draait bij hen niet meer om het voeden van de regio, om inbedding in de omgeving en het landschap, om het volgen van de behoeften van de dieren.

 

Drie zandpaden en één snelweg

Vorig jaar spiegelde het provinciebestuur Provinciale Staten nog voor dat veehouders vier afslagen konden nemen: de hoog-industriële, de specialisatie (streekproducten), de verbreding (zorgboerderij, recreatie) of stoppen. Wie aansprekend verbreedt kan een compliment krijgen van het Brabantse bestuur, een ‘agropluim’. Biologische melkveehouders krijgen ruimte nabij natuurgebieden via de vergroening van het Brabantse pachtbeleid. GroenLinks staat pal naast de boeren die voor deze afslagen kiezen. Maar juist de afslagnemers ‘industrieel’ zijn de absolute winnaars. Niet alleen mogen ze onbeperkt mest verwerken op een industrieterrein, of via een pijpleiding naar een loonwerker in het buitengebied. Ook wordt de toegestane bouwblokgrootte verruimd via de Verordening Ruimte. Er mag voortaan aan stallen gebouwd worden tot 2,5 hectare, voorheen maximaal 1,5. Weliswaar komt er in ‘veedichte’ gebieden een stop op het aantal dieren via uitruil van oppervlakte stal (staldering), maar een beetje industriële boer regelt dat wel via de bank of adviseur. En daar blijft het niet bij. In de aanpassingen van de Verordening Ruimte mogen er ook mestvergistingsinstallaties komen in de groen-blauwe mantel (waardevolle natuur). De vier afslagen van de rotonde blijken dus drie zandpaden te zijn en één vierbaans snelweg.

 

Risico’s

Brabant mag geen wereldwijd experiment worden. Mestverwerkingstechnieken zijn nog niet door- en uitontwikkeld. Deze enorme hoeveelheden mest met nieuwe technieken gecombineerd in een dichtbevolkt gebied, betekent risico’s nemen. Economische risico’s, want er is nog lang niet voldoende afzet voor de Brabantse mestproducten. Ecologische risico’s, want er blijft na verwerking nog steeds teveel stikstof over. En risico’s voor de omgeving als de techniek hapert.

De afslag ‘hoogindustrieel’ faciliteren, betekent dat je voorrang geeft aan economisch gewin voor een kleine groep op de korte termijn. Maar dat je de omgeving, de natuurvriendelijke boeren en de lange termijn uit het oog verliest. Het is een keuze voor de banken, voor de vee-industrie. Maar het is een keuze tegen de grondgebonden boeren, tegen de natuur, tegen de volksgezondheid, tegen het milieu en tegen het landschap. GroenLinks houdt wél oog voor de omgeving en voor de lange termijn en vraagt het provinciebestuur om van dit schadelijke besluit af te zien!

 

GroenLinks Brabant, Eindhoven, Tilburg, Den Bosch, Helmond, Oss, Roosendaal, Bergen op Zoom, Helmond, Breda, Oosterhout, Progressief Akkoord-GroenLinks Deurne, Progressief Bernheze, GroenLinksaf Waalwijk en Dwars Brabant