‘Adopteer’ een vluchteling

Vluchtelingen, zonder enige twijfel het meest besproken, meest bediscussieerde en meest gevoelige thema van 2015. De foto van Aylan op het strand heeft plaats gemaakt voor een Eiffeltoren of Franse vlag, op dezelfde manier als “Je suis Charlie” over het net ging. Social media is de plek waar het debat tussen mensen onderling wordt uitgevochten. Meningen slaan om met hetzelfde gemak als het weer op een snikhete zomerdag in juli. De gebeurtenissen in Parijs hebben gezorgd voor een nieuwe tsunami van scepsis tegenover alles dat niet van hier komt. De roep om represailles tegen IS klinkt luider dan ooit.

 “Bombarderen die shit,” roept men overal, maar dat gebeurt al volop. What’s next? Straten liggen vol met bloemen voor de 130 onschuldige slachtoffers die de aanslagen in Parijs niet overleefd hebben, maar nergens bloemen voor de inmiddels ruim 700 onschuldige slachtoffers die het Franse antwoord niet overleefd hebben. Om nog maar te zwijgen over de miljoenen levens die deze bizarre strijd al heeft verwoest.

Ja, IS moet een halt worden toegeroepen, maar met de huidige aanpak zullen we daar vluchtelingen bij moeten accepteren. Onder hen inmiddels ook ruim vier miljoen Syriërs. Het klinkt zo makkelijk, grenzen dicht en kop in het zand, maar dan ben je indirect verantwoordelijk voor niet duizenden maar honderdduizenden slachtoffers en verloochen je de kernwaarden waar Europa ooit voor in het leven is geroepen. Precies waar IS op uit is. De vraag is dus niet of we vluchtelingen moeten opvangen, maar hoe we dat in de beste banen kunnen leiden.

Er komt mogelijk, behalve de crisisopvang, ook een opvangcentrum voor langdurige huisvesting in Helmond. Hoe gaan we dat in goede banen leiden? Bij veel mensen bestaat grote weerstand, omdat ze in de media vaak vluchtelingen zien en horen klagen over luxe problemen. Belangrijk om dan te weten is dat vluchtelingen pas een half jaar na toewijzing van de titel statushouder mogen gaan werken of op zoek mogen naar werk. Ze hebben dus geen eigen geld. Daarnaast zijn in de opvangcentra vaak weinig tot geen dagvullende activiteiten te doen en zijn de vluchtelingen soms gedwongen hele dagen hun tijd te verdoen met niks. De frustratie die dat opwekt kunnen wij Nederlanders ons moeilijk voorstellen.

Om deze trend te doorbreken, zouden mensen in de bijstand, uiteraard op vrijwillige basis, vluchtelingen mee op pad kunnen nemen tijdens het uitvoeren van hun tegenprestatie. (De participatiewet verplicht een tegenprestatie voor de bijstandsuitkering). Zo ontstaat een win-win situatie. De mensen die een tegenprestatie op deze manier invullen worden buddy/begeleider van een vluchteling. Indien nodig kunnen dat ook twee of drie buddies zijn. Dit voegt een extra element en dimensie toe aan de tegenprestatie. Ook worden beide partijen uit een sociaal isolement gehaald, één van de belangrijkste punten van de participatiewet. Als de vluchteling meewerkt aan de oorspronkelijke tegenprestatie, zou een percentage of het volledige aantal uren dat de vluchteling gewerkt heeft, ingelost kunnen worden op de tegenprestatie van de buddy. Natuurlijk kan iedereen buddy worden, ook los van een tegenprestatie. Belangrijkste pluspunt is dat de vluchteling uit de beklemmende en saaie omgeving van het opvangcentrum komt en op een positieve manier de stad en zijn inwoners leert kennen.

Mensen die in het verleden hebben gewerkt met vluchtelingen vertellen vaak over de warme band die is ontstaan en in sommige gevallen zelfs over vriendschappen die na tientallen jaren nog steeds onderhouden worden.

Misschien komt het voor de groep die vandaag aankomt in de VEKA te laat, maar met ruim driehonderd vrijwilligers zal het daar vast soepel lopen.

Hoe mooi zou het zijn als we na deze crisis kunnen zeggen dat we in Helmond vrienden hebben geholpen, in plaats van vluchtelingen hebben opgevangen?

Thomas Tuerlings
Burgercommissielid GroenLinks